Karperkrant.nl

Artikel Piet: Rivier begeerte

donderdag 6 mei 2010
Verliefd worden kun je op vele manieren. Soms wordt je verliefd op pure schoonheid en de andere keer juist op het grote onbekende. In sommige gevallen zelfs een combinatie van beide.

Verliefdheid kan een hevige eendagsvlieg zijn maar het kan ook zomaar een vissersleven lang blijven aanhouden. Riviervissen is in mijn ogen de pure en ultieme belevenis van het karpervissen. Als je hier eenmaal van hebt geproefd en je hart aan hebt verloren zorgt deze machtige waterstroom voor de rest van je leven voor de bekende vlinders in je buik.

Op een rivier vind je nog anonieme vissen zonder enige haakervaring. Topatleten met dikke vlezige lippen die exorbitant lange afstanden afleggen op zoek naar voedsel. Het zijn dan ook de gladiatoren onder de karpers. Op rivieren is praktisch geen stukje bodem gelijk. Diepe stroomgeulen kunnen abrupt worden afgewisseld met ondiepe grindplateaus. Restanten van vervallen boerderijen, dijken en weggeslagen eilandjes die tijdens de evolutie zijn opgeslokt door de woest beukende stroming maken deze waterloop tot een waar karpermekka. 


De puurheid en vrijheid van de rivier

De puurheid, het avontuur en de vrijheid van een rivier zijn onbegrensd. Pittoreske slaapstadjes waar de tijd al jaren stil staat worden afgewisseld met oneindig gevarieerde rotspartijen die soms reiken tot in de ijle lucht. De doorgaans onbegaanbare en extreem vruchtbare rivieroever staat garant voor een grote variëteit aan flora en fauna. Machtige bomen die de middeleeuwen nog van dichtbij hebben gezien laten hun gebladerte teder drinken uit de nooit verzakende stroming van de rivier. Een oneindige waterstroom die al duizenden jaren lang zijn weg vindt door het ruige kalkstenen landschap. IJsvogeltjes die de takken van de vele vijgenbomen gebruiken als springplank om met een dodelijke efficiëntie hun buikjes te vullen met het vele jongbroed. Wat is er toch veel te observeren en te genieten als je er voor open staat! Ik kom als stadsmens werkelijk ogen tekort!


Kan vissen nog veel mooier worden dit?

Halsoverkop wordt mijn aandacht getrokken door een luid krijsende roofvogel die hoog boven de kale rotsen zweeft. Bijna jaloers bedenk ik mij dat deze roofvogels de ultieme vrijheid uitstralen. Een gevoel van nietigheid maakt zich meester van mij maar tegelijkertijd voel ik ook die bekende vlinders in mijn buik. Het kan niet veel mooier worden, of?

De langzaam maar gestaag invallende duisternis verandert de normaal zo vredige boomtoppen op veel plaatsen in angstaanjagende gedaantes. Mijn omgeving wordt nu bijna onheilspellend maar vrees heb ik niet! Deze stemming geeft mij juist een gevoel van geborgenheid en vrede. Als natuurliefhebber pur sang absorbeer ik de geluiden van de aankomende nacht. Ik waan me in een sprookjeswereld en smelt samen met deze uitzonderlijke natuur. De urban geluiden van treinen en sirenes hebben plaats gemaakt voor het mooie en zuivere gezang van de vele nachtvogels, het gekwaak van miljoenen kikkers en het onafgebroken springen van de karpers. De slagroom op deze al rijk versierde taart is echter de luidruchtig jagende meervallen. Met bloeddorstig geweld doorklieven deze prehistorische beesten geregeld het wateroppervlak en hoor je hun hongerige kaken met bruut geweld dichtklappen. Ik volg als een geoefend tennisliefhebber de gebeurtenissen van links naar rechts en wil deze magische plek feitelijk niet meer verlaten. Na een koude rilling veroorzaakt door de vochtige waterdampen begint mijn gevecht tegen de niet te stoppen slaap. Mijn oogleden worden zwaarder en zwaarder en genoeglijk voel ik mijzelf langzaam maar zeker wegzakken. Na een tweede koude rilling geef ik mezelf over aan de krachten van de natuur en sla het bovendeel van mijn slaapzak om me heen. Niet veel later val in een diepe slaap.

Heel in de verte hoor ik een irritant en monotoon geluid. Pas na enkele seconden realiseer ik mij dat het om een aanbeet gaat. Ongeordend gooi ik de slaapzak open en trek onstuimig met de slaapzak nog om mijn benen een hengel uit de rodlock. De resterende hengel op de rodpod begint door al dat geweld terstond ook geluid te fabriceren. Nog een aanbeet denk ik naïef? Verwarrend ga ik in mijn beleving verder met drillen zonder dat ik ook maar iets van weerstand voel! Vervolgens sta ik enkele seconden geheel desolaat met een hengel in mijn hand terwijl het monotone geluid van de andere hengel steeds luider wordt. Tumultueus over al deze beroering zie ik vanuit mijn ooghoek dat de molenslip van die andere hengel werkelijk op hol slaat en de top van de hengel zelfs onder het wateroppervlak wordt getrokken. Abrupt realiseer ik mij dat ik als de eerste de beste amateur banaal de verkeerde hengel heb gepakt en niets anders dan gebakken lucht sta te drillen. Wat een oen! Gelukkig maakt mijn slaapdronkenheid nu toch plaats voor logisch nadenken en pak ik gedecideerd de hengel die echt afloopt. Dat is nu meteen de reden waarom ik het liefst overdag vis want de eerste momenten van een nachtelijke aanbeet ben ik doorgaans te slaapdronken om plezier te ervaren. Net op tijd kan ik de vis afremmen want anders had deze op zeker zich vast gezwommen achter een eiland dat een meter of 50 verder ligt dan de voerstek.

Door die uitglijder heeft de vis bijna 50 meter lijn kunnen pakken maar nu heb ik gelukkig weer volkomen de controle terug. Het afdrillen van de vis gaat vanaf dit moment voorspoedig en na een enerverende dril van zeker 20 minuten plaats ik mijn schepnet onder een langgerekte torpedo schub. Op het eerste gezicht zal deze vis ver boven de dertig pond gaan uitkomen en na het wegen blijkt dat ik dat goed heb ingeschat. 18,2 kilo geeft de weegklok aan. Tevreden breng ik de twee hengels weer terug naar de gemarkeerde voerstekken. 

Ik realiseer mij dat dit ook anders had kunnen aflopen en besluit de nacht verder te vissen zonder te gaan slapen. Zodra het licht wordt pak ik dan mijn rust wel.

Dat blijkt een goede beslissing want die nacht krijg ik nog eens vier aanbeten en moet ik behoorlijk aan de bak. Stuk voor stuk echte rivierbuffels die mijn onthaakmat bezoeken met als topvis een geweldenaar waarvan de naald net onder de 20 kilo blijft steken.



De nacht vliegt voorbij en langzaam worden de donkere contouren van de grillige bomen weer groen. De knalrode zon dringt met veel moeite op sommige plekken door de dikke, koude ochtenddauw. Het is een romantisch aanzicht. In de verte hoor ik het starten van een buitenboordmotor. Dat is het sein dat de roofvissers in aantocht zijn. Deze onverschrokken mannen trotseren met gevaar voor eigen leven de dikke mist op zoek naar avondeten. Langzaam hoor ik de luidruchtige conversaties die mij doen denken aan een opera dichterbij komen. Wat hebben ze toch weer veel te vertellen die kleine Fransozen. Ik voel de slaap naderen en krijg vervolgens de klap met de hamer of zeg maar moker! Koude rillingen van vermoeidheid lopen over mijn bezwete rug en mijn oogleden worden zwaarder en zwaarder.

Deze strijd kan ik niet winnen en ik geef mij opnieuw over aan de natuur. De tijd is gekomen om mijn lichaam en geest rust te geven. Wat is het toch mooi om karpervisser te zijn denk ik en val vervolgens geheel tevreden in een diepe comateuze slaap!

Karpervissen op een rivier is een echte belevenis die je als liefhebber moet ondervinden. Het is in mijn ogen de pure manier van onze vrijetijdsbesteding of moet ik zeggen ‘way of life’.

Veel succes aankomend jaar op één van de vele rivieren!

Piet Vogel